Geplaatst op Geef een reactie

Merlot: blauwe druif voor de nieuwkomers en de gangmakers

Merlot: de druif voor Bordeauxwijnen

Het is de druif die ooit alleen in Bordeaux de harten stal en tongen streelde. De druif die daarna toch zó populair werd dat er nu in bijna alle wijnlanden wel wijngaarden te vinden zijn waarop deze zachte druif groeit. De druif die nog steeds in bijna alle Bordeauxwijnen voorkomt. We hebben het vandaag natuurlijk over de klassieke merlot.

De oorsprong van de merlotdruif: van vogel tot wijn

De herkomst van een druifnaam is niet vaak zo leuk als bij de merlot. Voor iedereen die er, net als wij, van houden om aan iedereen wijnfeitjes te vertellen is dit er één die vaak ter tafel kan komen, net als de merlot. De merlot dankt haar naam namelijk aan de gelijk gekleurde vogel de merel. De donkerblauwe, richting zwarte druif heeft dezelfde kleur als dit donkerblauwe vogeltje. In het Frans heet dit vogeltje ‘merle’. Al het begin van de 19e eeuw kreeg deze term voor de druif meer naamsbekendheid. In het eind van de 18e eeuw verscheen de druif voor het eerst in wijnen in de Bordeaux-streek. Samen met de cabernet-sauvignon overheerst de merlot deze streek. Ze vormen samen de basis van bijna alle Bordeauxwijnen. Dat is niet vreemd, want de smaken van deze twee druiven vullen elkaar fantastisch aan. Daarover later meer.

Inmiddels groeit de merlot overal ter wereld en zijn er honderdduizenden hectare gevuld met druivenranken van de merlot. Dat is echter niet altijd zo geweest. Er was aan het eind van de 18e eeuw en begin van de 19e eeuw weinig interesse voor de druif vanuit het buitenland. Het eerste halve decennium dat de druif in Bordeaux werd gebruikt als mengdruif toonden omliggende landen weinig interesse. Vanaf halverwege de 19e eeuw is er aangetoond dat de merlotdruif voor het eerst in Italië verscheen. Langzaam werd bekend hoe soepel de wijn van de merlotdruif is en hoe de druif in te zetten is als individu maar ook als mengwijn. Nu heeft de druif dus de hele wereld overgenomen. Toch groeit ze nog het meest in Bordeaux.

De merlotdruif: donker maar dun

De merlotdruif is een druif die in weelderige trossen groeit. De druiven worden groot in omvang en donker van kleur. Zoals we al hadden omschreven krijgt de druif een donkerblauwe kleur, net als de vogel de merel. Desondanks zie je die kleur niet zo goed terug in je glas. In tegenstelling tot de samen aangeplante cabernet-sauvignon heeft de merlot namelijk een hele dunne schil. Alle kleurstoffen van blauwe druiven en rode wijn komen voort uit de schil van de blauwe druif. Hoe dikker de schil, hoe donkerder de wijn. Bij het maken van wijn van de merlotdruif trekt de kleur dus niet zo in. Een merlot kan wel steeds donkerder kleuren, met lichtpaarse tinten, als ze langer in de fles gezeten heeft. Daarnaast is een merlot vaak te herkennen aan een oranjeachtige kleur die achterblijft aan je glas als je de wijn walst.

De merlot is onderdeel van een grote familie. Uit onderzoek is gebleken dat de merlot een afstammeling is van de cabernet franc. Daarnaast zijn er verwantschappen gevonden aan onder andere de malbec en de carménère. De merlot onderscheidt zich door de vroege rijping. De druif kan en moet vroeg in het seizoen geoogst worden. Zodat er geen overrijping in de druiven plaatsvindt. Als dit gebeurt, is de wijn direct minder soepel. De merlot groeit daarom vaak op dezelfde wijngaarden als andere druiven, maar juist meer aan de schaduwkant. Zo vangen de druiven iets minder zon en is de kans op te veel rijping minder groot. Daarnaast wordt de druif geoogst vóór september, waardoor de merlot geschikt is om aan te planten in gebieden waar de kans op regen in september al groot is.

De smaak van de merlot: veel verschillen per wijnstreek

Een merlot is over het algemeen soepel en zacht. Dit zijn eigenschappen die ervoor zorgen dat een merlot vaak makkelijk weg te drinken is. Het romige, elegante karakter van de merlot zorgt ervoor dat de wijn vaak omschreven wordt als een wijn voor beginnende wijndrinkers. Toch kun je bij lange na niet alle wijnen van deze druif over één kam scheren. De merlot uit Bordeaux is onvergelijkbaar met een merlot uit Nieuw-Zeeland, en de merlot uit Noord-Californië is zeker niet hetzelfde als de merlot uit Zuid-Californië. Veel overeenkomsten onder merlots uit de hele wereld zijn volle fruitsmaken van onder andere pruim en kers, tabak, vanille en mokka. Er zitten niet veel tannine in de wijn door de dunne schil van de druif. De druif is van nature niet zuur, waardoor bijna alle merlots soepel van smaak zijn. Veelvoorkomende aroma’s in de merlot zijn cacao, koffie, vanille en rode vruchten. Oudere merlots worden steviger en aardser van smaak. Dat merk je aan de kleur van de wijn, die is donkerder. Daarnaast ruiken langer gerijpte merlots vaak naar truffel. Een jonge merlot laat vaak een oranje tint achter op het glas, waar je de wijn snel aan kan herkennen.

Wijn & Spijs met wijn van de merlotdruif: biefstuk en spelletjes

De merlot is niet voor niets vaak de huiswijn in het gemiddelde Nederlandse eetcafé. Waar biefstuk geserveerd wordt met frietjes, kan het beste een merlot naast worden gezet. Ook in de wijnstreek Bordeaux wordt ze veel geserveerd bij entrecôte. Rechttoe rechtaan rood vlees met jus, frietjes en salade past perfect bij de merlot, die je zonder fratsen wegdrinkt. Ook bij tomatensaus gaat de merlot prima mee. De Italiaanse keuken, met veel vlees en tomaat, past goed bij de wijn. Omdat de merlot zo soepel is, en makkelijk wegdrinkt, is deze allemansvriend ook altijd goed bij de borrel of bij een koude, regenachtige herfstavond. Zet de merlot en de spelletjes maar op tafel!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *